Een halfjaar later dan gepland ligt er dan eindelijk een onderhandelingsakkoord voor het Aanvullend Zorg- en Welzijnsakkoord (AZWA). Wat begon als een aanvulling op het Integraal Zorgakkoord (IZA), is inmiddels uitgegroeid tot een akkoord waarin alle urgente zorgvraagstukken moeten worden opgelost: van arbeidsmarkttekorten, lange wachttijden, richtlijnaanpassingen, tot financiering voor preventie en medische technologie. Met een uitgebreide set afspraken en financiële randvoorwaarden beloven de partijen een koerswijziging die uiteindelijk moet leiden tot gelijkwaardige toegang voor iedereen en het afwenden van het onbeheersbare arbeidsmarkttekort. Wat staat er allemaal in dit akkoord en welke concrete stappen worden er de aankomende jaren allemaal gezet? U leest het in dit artikel.

Met het afsluiten van het IZA in 2022 werd concrete invulling gegeven aan hoe passende zorg kon worden nagestreefd, om zo tot toegankelijke, goede en betaalbare zorg te komen – inclusief het aanpakken van de arbeidsmarkttekorten. Tijdens de uitvoering van het IZA, kwamen er steeds meer knelpunten naar boven, waarop gemeenten uit onvrede zelfs tijdelijk uit het akkoord stapten. Voormalig minister Agema beloofde dat het AZWA oplossingen zou bieden voor al deze problemen.

Gaandeweg werd de reikwijdte van het akkoord steeds groter: lange wachtlijsten, transparantie, versterking van de eerste lijn, zelfstandig behandelcentra, en concentratie en spreiding moesten er ook in terugkomen. De aanvullende afspraken moesten vooral bijdragen aan verlichting van de arbeidsmarkt en minder personeelsbehoefte. Wat begon als een aanvulling op het IZA, werd gaandeweg gepresenteerd als dé oplossing voor alle zorgknelpunten, met hooggespannen verwachtingen tot gevolg.

In het nu gepresenteerde onderhandelaarsakkoord (pdf) moeten de onderhandelende partijen hun achterban raadplegen over de inhoud en financiële paragraaf. Minister Jansen schrijft in de begeleidende Kamerbrief (pdf) dat dit begin september moet leiden tot definitieve vaststelling en ondertekening van het akkoord.

Wat staat er in het AZWA?

Waar het IZA zowel betaalbaarheid als toegankelijkheid benadrukte, ligt de focus van het AZWA op personele houdbaarheid. Er zijn twee hoofddoelen geformuleerd:

  • In 2028 moet het verwachte arbeidsmarkttekort 100.000 lager uitkomen dan zonder maatregelen;
  • Iedereen moet gelijkwaardige toegang hebben tot passende zorg binnen de daarvoor geschikte wachttijdnormen.

Meer zorg is niet altijd de oplossing; er moeten slimme verschuivingen plaatsvinden tussen sectoren en domeinen (pdf). Daarom zijn naast de oorspronkelijke IZA-partners ook partijen uit het sociaal domein betrokken. De beweging naar gezondheid moet worden versterkt, met inzet op aantrekkelijk werkgeverschap en scholing, mede gezien het bovengemiddelde ziekteverzuim.

VWS voorziet voor zichzelf een rol in het verduidelijken van de zorgplicht, het monitoren van passende zorg, het terugdringen van regeldruk, het versterken van burgerzeggenschap en het aanbieden van hulplijnen. De voorbereidingen van de aangekondigde staatscommissie voor een toekomstbestendig zorgstelsel worden afgestemd op de afspraken uit het IZA en AZWA.

De afspraken zijn verdeeld over vier blokken:

  • Afwenden prognose onbeheersbaar arbeidsmarkttekort
  • Gelijkwaardige toegang tot zorg
  • Beweging naar de voorkant
  • Passende zorg

Elk blok bevat een uitgebreide set afspraken. Onderaan dit artikel worden deze blokken en enkele voorbeelden verder toegelicht.

Wat betekent het AZWA voor medische technologie en geneesmiddelen?

Het AZWA bevat concretere afspraken om passende zorg te realiseren. Voor medische technologie en geneesmiddelen kan dit leiden tot een ander zorglandschap en veranderende spelregels.

Elke sector moet zijn richtlijnen tegen het licht houden, en jaarlijks impactvolle passende zorg-initiatieven aandragen die mogelijk landelijk opschaalbaar zijn. Dit kan zorgen voor snellere introductie van nieuwe technologieën of juist het afbouwen van bestaande werkwijzen. Ook de concentratie en spreiding van complexe zorg zet door, wat kan leiden tot verschuivingen in waar specialistische behandelingen plaatsvinden. Tegelijkertijd biedt dit kansen voor snellere landelijke implementatie.

De bekostiging van medische preventie wordt aangepast. Het moet mogelijk worden om verwachte besparingen op de Zorgverzekeringswet, die voortkomen uit effectieve medische preventiemaatregelen, te gebruiken voor het bekostigen van diezelfde preventie.

Daarbovenop worden de volgende maatregelen uiterlijk in 2027 door VWS geïmplementeerd: RSV-immunisatie (september 2025), gordelroosvaccinatie, inzet AI bevolkingsonderzoek borstkanker, MRI-screening vrouwen met zeer dicht borstweefsel en een intensivering van de Regeling Aanvullende Seksuele Gezondheidszorg (ASG). Voor dit alles is structureel € 68 miljoen beschikbaar, hoewel alle AZWA-afspraken die via de begroting worden gefinancierd nog moeten worden goedgekeurd door het parlement. Andere maatregelen, zoals de verlaging van de startleeftijd voor darmkankerscreening, obesitasmedicatie voor minima en covidvaccinaties staan nog op de werkagenda.

Medische technologie

Van tevoren werd al duidelijk dat er geld wordt vrijgemaakt voor medische technologie, met name als de inzet daarvan zorgt dat er op arbeidsinzet wordt bespaard. Dit is tot en met 2028 € 5 miljoen per jaar. Er is geconstateerd dat op dit moment nog te veel technologie wordt ontwikkeld zonder te kijken naar de behoeften (‘technology push’). Ook is er onvoldoende aandacht voor hoe en wanneer technologie het beste kan worden ingezet, wat voor inefficiëntie en hogere kosten zorgt. AZWA-partijen gaan daarom samenwerken aan oplossingen, het verbeteren van randvoorwaarden en kijken naar vraaggestuurde ontwikkeling van medisch technologie.

Vanaf 2026 is MedTech structureel onderdeel van innovatieplatforms als Digizo.nu en ZE&GG. Er komt een innovatieprogramma gericht op arbeidsproductiviteit, werkplezier en opschaling waarin arbeidsbesparende en vraaggestuurde technologie wordt ontwikkeld. Per sector worden deze innovaties geselecteerd, met opschaling en implementatie als doel. Voor deze zogenaamde innovaties is budget vrijgemaakt (zogeheten ‘doorbraakmiddelen’). In de fase van doorontwikkeling worden bovendien afspraken gemaakt over maatschappelijk verantwoorde prijsmodellen.

Ook de horizonscan voor MedTech wordt door het ZIN (opnieuw) vormgegeven, om zo waardevolle innovaties te identificeren en op te schalen. De AZWA-partijen verkennen een ‘sluis’-achtige aanpak voor dure technologie. In het kader van concentratie en spreiding moeten afspraken worden gemaakt tussen ziekenhuizen en zorgverzekeraars over de aanschaf en inzet van deze dure technologie.

Geneesmiddelen

De nadruk op passende zorg en het aanpassen van richtlijnen zal ook effect hebben op de inzet van geneesmiddelen. Denk hierbij aan meer aandacht voor afbouwen van niet-effectieve behandelingen.

In het IZA werd nadrukkelijk aandacht besteed aan dure geneesmiddelen, maar in het AZWA is deze focus verlegd naar de huidige tekortenproblematiek. Een expliciet punt in het akkoord is de betere beschikbaarheid van bestaande geneesmiddelen, wat zich dus niet specifiek richt op nieuwe geneesmiddelen. Er worden structurele afspraken gemaakt om die beschikbaarheid te verbeteren en goede zorg te waarborgen bij (dreigende) tekorten. De afspraken richten zich op betere inkoopprocedures, duidelijke en tijdige informatie voor patiënten en zorgverleners, het voorkomen van extra kosten voor patiënten, en het terugdringen van administratieve lasten. Voor alle afspraken is in 2027 € 1,4 miljoen gereserveerd, aflopend tot € 0,5 miljoen in 2030, waarna dat bedrag structureel wordt toegekend.

In het tweede kwartaal van 2025 stellen de betrokken partijen een bestuurlijk gedragen set afspraken op. Deze omvatten onder meer verbeterde informatievoorziening voor patiënten over de gevolgen van tekorten en de juridische verankering van afspraken over farmacotherapeutische substitutie.

Daarnaast wordt in 2025 een nieuwe inkoopleidraad opgesteld om ongewenste effecten in de geneesmiddelenketen te voorkomen. Er komen afspraken over uniforme reacties op tekorten. Randvoorwaarden als eenduidige definities, betere data-uitwisseling en veilige meldstructuren worden daarvoor versneld opgepakt. Ook wordt gewerkt aan snellere aanpassing van vergoedingen en frequentere updates in systemen als de G-standaard. Tot slot maken apothekers, apotheekhoudende huisartsen, zorgverzekeraars, groothandels en leveranciers uniforme afspraken over uitverkooptermijnen en het handelen tijdens preferentiewissels, om het risico op leveringsproblemen door opstartvertragingen of uitverkoop te beperken.

Hoe worden de plannen gefinancierd?

De ruimte voor volumegroei in 2026 was al vastgelegd in het IZA en blijft ongewijzigd. Ook de groeipercentages voor 2027 en 2028 en het besparingsdoel (€ 250 miljoen in 2027, € 590 miljoen in 2028) blijven, zoals eerder afgesproken in het Hoofdlijnenakkoord. De sectorspecifieke afspraken gelden onverminderd in 2026.

Op basis van recente inzichten worden de macrokaders per sector aangepast. Voor de medisch-specialistische zorg (msz) betekent dit een structurele daling van € 75 miljoen, terwijl het groeipercentage 0% blijft (zie tabel 1).

Tabel 1: Overzicht volumegroei per sector

2026 2027 2028
Msz 0,0% 0,0% 0,0%
Ggz 0,4% 0,4% 0,4%
Wijkverpleging 3,5% 3,5% 3,5%
Huisartsenzorg 3,5% 3,5% 3,5%
Mdz 5,0% 5,0% 5,0%

Door de verlaging van het eigen risico neemt de verwachte zorgvraag toe. Dit leidde tot zorgen bij partijen over financiële dekking, wat is ondervangen met zogeheten remgelden. Toen het kabinet viel en de verlaging op losse schroeven leek te staan, waren er signalen dat de partijen uit de msz het AZWA niet zouden ondertekenen vanwege het geld dat met deze verlaging was gemoeid. Deze remgelden maken alsnog effectieve volumegroei mogelijk: voor de msz is dat 1,7% in 2027 en 0,3% in 2028. In totaal is € 2,3 miljard beschikbaar voor extra zorgvraag, zie tabel 2:

Tabel 2: Beschikbare remgelden t.b.v. effecten verlaging eigen risico per sector.

Bedragen x € 1 miljoen 2027 2028
Msz 676 763
Ggz 123 139
Wijkverpleging 39 44
Huisartsenzorg 99 112
Mdz 91 94
Totaal 1.028 1.151

De gelden worden verdeeld in reguliere zorguitgaven door zorgverzekeraars, tijdelijke doorbraakmiddelen, en middelen voor preventie en sociaal domein (via VWS). In het onderhandelaarsakkoord wordt benadrukt dat er nog veel onzekerheden bestaan rondom de verlaging, waardoor het nog maar de vraag is of de verschillende sectoren de extra zorgvraag kunnen opvangen.

Ondanks de controversiële status van het macrobeheersingsinstrument, wordt die ook hier weer genoemd als optie om maatregelen te nemen. Wel is afgesproken dat dit instrument tot en met 2024 niet wordt ingezet voor ggz, huisartsenzorg en multidisciplinaire zorg (mdz), en tot en met 2026 niet voor wijkverpleging en msz, zolang binnen de afgesproken kaders wordt gebleven.

Aanvullende financiële afspraken

Onlangs werd bekend dat de huidige transformatiegelden uitgeput zijn en er geen nieuwe plannen meer kunnen worden ingediend. Toch staat in het AZWA dat de periode waarin deze middelen beschikbaar zijn wordt verleng tot en met 2028. De afspraken over het oormerken van de transformatiemiddelen naar sectoren blijven tijdens de looptijd van het IZA bestaan, maar worden niet verlengd.

Daarnaast komt er € 400 miljoen aan doorbraakmiddelen beschikbaar voor arbeidsbesparende projecten. Criteria en governance hiervoor moeten nog worden uitgewerkt; AI, MedTech en hulpmiddelen krijgen nadrukkelijk aandacht. De methodiek rondom de doorbraakmiddelen is nog nieuw, ook omdat investeringsplannen nog moeten worden gemaakt. De komende jaren wordt dan bekeken wat effectief is, en wat niet.

Er zijn geen bindende afspraken gemaakt over financiering na 2028, omdat er nog veel onzekerheid bestaat over de effectiviteit van de afspraken. Ook zijn de gemaakte afspraken die via de begroting moeten worden gefinancierd onder voorbehoud van parlementaire goedkeuring. Bij beleidswijzigingen worden financiële gevolgen opnieuw besproken.

Impact maatregelen valt of staat bij juiste randvoorwaarden

Op verzoek van VWS maakte KPMG in januari 2025 een impactanalyse (pdf) van de potentiële arbeidsbesparingen van het AZWA. De conclusie: de plannen hebben zeker potentie, maar zonder vervulling van de randvoorwaarden blijft de impact beperkt. Deze randvoorwaarden waren ten tijde van de onderhandeling slechts deels of niet ingevuld, en ook de onderbouwing van aannames en bronnen kon beter. In de afsprakenset wordt geprobeerd deze randvoorwaarden alsnog in te bedden. Zo is een van de randvoorwaarden het actualiseren van verouderde richtlijnen. Toch moet er ook nog veel worden uitgewerkt aan de overlegtafels.

De ondertekening van het AZWA is voorzien voor begin september, mits alle partijen instemmen. De financiële dekking blijft een verantwoordelijkheid van het kabinet en moet zichtbaar worden in de Miljoenennota, die ná de ondertekening wordt gepresenteerd. AZWA-partijen moeten dus volledig vertrouwen op de steun van het demissionaire- en het volgende kabinet. Hoewel de toezeggingen van minister Agema grotendeels zijn terug te vinden in het AZWA, blijft het succes dus afhankelijk van politieke wil.­


AZWA-afspraken

De afspraken zijn onderverdeeld in verschillende blokken (A t/m E). Elk blok heeft een eigen omschrijving, inclusief een set afspraken. Hieronder vindt u de thema’s en blokken, inclusief een relevante selectie van de gemaakte afspraken.

Afwenden prognose onbeheersbaar arbeidsmarkttekort

  • A: Maximaal 20% administratietijd, door o.a.:
    • Identificatie van knellende inkoop- en verantwoordingseisen
    • Versnelde inzet van generatieve en diagnostische AI
    • Versnelde implementatie van elektronische gegevensuitwisseling

Door meer tijd vrij te maken voor zorg, kunnen bestaande tekorten deels worden opgevangen met hetzelfde personeel. Hiervoor worden o.a. doorbraakprojecten opgeschaald, regeldruk rond machtigingen, inkoop- en verantwoordingseisen teruggedrongen, en verantwoord gebruik van AI en gegevensuitwisseling gestimuleerd. Denk hierbij aan de aan het project Zinvolle Registratie (ZIRE), waarbij door het Radboudumc meer dan 100 kwaliteitsregistraties zijn geschrapt. Dit project moet in 2027 landelijk worden uitgerold. Verder moet er binnen drie maanden duidelijkheid zijn over de implementatie en financiering van gegevensuitwisseling, inclusief de EHDS. Nieuwe afspraken mogen de regeldruk niet verhogen of de transparantie aantasten.

  • B: De juist inzet van medewerkers en vergroten vakmanschap, door o.a.:
    • Domeinoverstijgend indiceren, met de minste arbeidsinzet als uitgangspunt
    • Bevorderen van de inzet van arbeidsbesparende medische technologie
    • Ondersteunen van medische preventie ter voorkoming van zorgvraag

Domeinoverstijgend indiceren

De zorg is versnipperd over meerdere wetten, wat leidt tot inefficiëntie en verwarring. Daarom wordt ingezet op domeinoverstijgend indiceren, te beginnen bij de samenwerking tussen wijkverpleging (Zvw) en hulpmiddelenvoorziening (Wmo), waarbij de wijkverpleegkundige een centrale rol krijgt en ook gaat indiceren voor hulpmiddelen vanuit de Wmo. Er wordt gestart in een coalition of the willing (gemeenten en zorgorganisaties). Bij succes volgt landelijke opschaling. Wet- en regelgeving en bekostiging worden waar nodig aangepast.

Bevorderen inzet arbeidsbesparende medische technologie

Zie lopende tekst, onder ‘Wat betekent het AZWA voor medische technologie en geneesmiddelen’.

Ondersteunen medische preventie

Uiterlijk in 2027 worden o.a. RSV-immunisatie, gordelroosvaccinatie, AI bij bevolkingsonderzoek en een MRI bij vrouwen met dicht borstweefsel ingevoerd. De werkagenda bevat daarnaast o.a. mondzorg voor minima, obesitasmedicatie en verlaging van de startleeftijd voor darmkankerscreening.

Besparingen binnen de Zvw door preventie mogen worden teruggeïnvesteerd in dezelfde maatregelen. Onrendabele delen kunnen via de Rijksbegroting worden gedekt. Alleen preventieve interventies die medisch en economisch verantwoord zijn (getoetst door RIVM of Gezondheidsraad) komen in aanmerking. Het kabinet besluit uiteindelijk over opname in het preventiepakket.

Gelijkwaardigere toegang tot zorg

  • C: Gelijkwaardigere toegang tot zorg tussen hoger opgeleiden die de weg kennen en mensen voor wie dat lastiger is, door o.a.:
    • Snellere zorg voor urgente problemen
    • Eén landelijke voorziening voor alle vragen rondom toegang en gebruik van digitale zorg
    • Transparantie wachttijden en proactieve bemiddeling in de msz

Snelle zorg voor urgente problemen

In de msz wordt triage versterkt, maar er is eerst inzicht nodig in factoren die bijdragen aan ongelijke toegang. De NFU brengt dit in kaart voor drie subgroepen: oncologische patiënten, mensen die nu al met lange wachttijden worden geconfronteerd en zorgmijders. Oplevering van het onderzoek volgt in Q2 2026; aanbevelingen worden door alle partijen opgepakt.

Transparantie wachttijden

Zorgaanbieders moeten wachttijden opschonen (uiterlijk 1 november 2025). Vanaf januari 2026 kunnen verzekeraars patiënten met wachttijden boven de Treeknorm actief bemiddelen, mits de patiënt daarvoor toestemming geeft. In het AZWA is vastgelegd hoe dit proces wordt ingericht. Vanaf januari 2026 kunnen patiënten dan proactief worden benaderd voor bemiddeling.

ZN, NFU, ZKN, de Patiëntenfederatie en NVZ verkennen of en hoe zorgbrede declaratiedata via Vektis kunnen worden benut voor capaciteitsmanagement en kwaliteitsinformatie. Hiervoor is waarschijnlijk een wettelijke grondslag nodig.

  • C: Palliatieve zorg

Patiënten in de stervensfase moeten altijd toegang hebben tot de benodigde palliatieve zorg, ongehinderd door omzetplafonds of doelmatigheidsafspraken. Zorgaanbieders en zorgverzekeraars spreken hiervoor een duidelijk proces af, eventueel ondersteund door een leidraad.

Per 2025 heeft de NZa een betaaltitel voor proactieve zorgplanning ingevoerd in de ziekenhuizen. Samen met veldpartijen werkt de NZa aan eenzelfde soort betaaltitel voor de huisartsenzorg. Dit moet in 2027 zijn opgenomen in de basisbekostiging.

Beweging naar de voorkant

  • D: Zorgvrager eerder en beter helpen (van derde lijn tot in het sociaal domein) zodat ze minder snel een medische zorgvraag krijgen, door o.a.:
    • Samenwerking van medisch specialistische zorginstellingen in netwerken en verbinding van hun aanbod aan de zorgvraag in regioplannen
    • Structurele borging van versterking eerstelijnszorg
    • Een standaard vaste patiëntenpopulatie voor huisartsen

Msz-instellingen bundelen hun kennis en kunde in netwerken en verbinden hun aanbod met de brede zorgvraag in hun regio. Afspraken over spreiding en concentratie van zorg worden uiterlijk september 2025 vastgelegd in de landelijke standaard Medische specialistische zorgketen. In Midden-Nederland is reeds een akkoord bereikt.

Alle msz gaat onderdeel uitmaken van de ROAZ– en regioplannen. Hierin staan afspraken over hoe de transformatie binnen het zorglandschap plaatsvindt en in hoofdlijnen wie welke zorg levert. Hieronder valt ook de beschikbaarheid en kwaliteit van de spoedeisende hulp en acute verloskunde. Zorgverzekeraars ondersteunen de borging van de basisinfrastructuur via de inkoop.

Umc’s, ziekenhuizen en andere partijen werken samen aan meer synergie in regionale onderzoeksinfrastructuur door faciliteiten, data en ondersteuning te delen. NFU en NVZ maken hierover uiterlijk afspraken in Q3 2025.

Passende zorg

  • E: Zorgmedewerkers inzetten op de meeste effectieve zorg voor de meest urgente patiënten:
    • Kwaliteitsinformatie wordt transparant
    • Opschaling en contractering van impactvolle passende zorg
    • Professionele richtlijnen dragen bij aan passende zorg en de transitiedoelen
    • Evenwichtig en toegankelijk zorglandschap
    • Betere beschikbaarheid van geneesmiddelen

Transparante kwaliteitsinformatie

Ondanks eerdere inspanningen blijft de voortgang rondom transparantie van kwaliteitsinformatie in de praktijk achter. Er zijn acht afspraken gemaakt om de informatiepositie van cliënten te versterken en praktijkvariatie te beperken. Professionals ontwikkelen een transparante website met data én duiding. De transparantieagenda voor o.a. prostaatkanker en aandoeningen binnen de eerste tranche van concentratie en spreiding wordt versneld; publicatie volgt in 2027.

Opschaling en contractering van impactvolle passende zorg

Zorgaanbieders, zorgprofessionals en verzekeraars gaan gelijkgericht en sectoroverstijgend samenwerken aan opschaling van impactvolle passende zorg, met meerjarige contractafspraken waar nodig. Jaarlijks worden per sector initiatieven geselecteerd die aantoonbaar bijdragen aan passende zorg en arbeidsbesparing, waarna zorgverzekeraars de werkzame elementen breed contracteren.

Elke sector moet deze initiatieven voor 1 oktober 2025 opleveren. De FMS doet dit eveneens op het gebied van passend geneesmiddelenbeleid. Alle initiatieven opgeteld moeten leiden tot minimaal 20.000 fte besparing op werknemers in 2028.

Jaarlijks worden de overzichten geactualiseerd, waarna ZN en Patiëntenfederatie/MIND deze initiatieven beoordelen en prioriteren. Vervolgens worden zij uiterlijk 1 april opgenomen in het zorginkoopbeleid. Publicatie volgt op: www.integraalzorgakkoord.nl/passendezorg. Implementatie moet dan binnen twee jaar zijn gerealiseerd.

Professionele richtlijnen dragen bij aan passende zorg en de transitiedoelen

Nieuwe afspraken zorgen dat professionele richtlijnen bijdragen aan passende zorg, met nadruk op effectiviteit, duurzaamheid en de inzet van personeel. Richtlijnen laten ruimte voor samen beslissen en maatwerk. Er komt meer aandacht voor wat níet werkt, zodat middelen doelmatiger worden ingezet. Vanwege de omvang van de opgave worden richtlijnen geprioriteerd, waar mogelijk op de twee hoofdthema’s van het AZWA (impact op toegang tot zorg en inzet van zorgprofessionals). Voor richtlijnen die nog niet zijn geactualiseerd, komt een toelichting die zorgverleners ruimte en duidelijkheid biedt, ook in toezicht en aansprakelijkheid.

Eind 2025 schrijven ‘richtlijnpartijen’ FMS, LHV/NHG, richtlijnpartijen in de ggz en V&VN een plan om de richtlijnen vanaf 1 januari 2026 waar nodig aan te passen. Ook maken ze samen met het ZIN en VWS een werkwijze voor richtlijnen die een maatschappelijke afweging nodig hebben waarbij een rol van de overheid nodig is. VWS verkent tegelijkertijd of het nodig is om wetgeving voor te bereiden voor een betere verbinding tussen richtlijnen en pakketbeheer. Hierbij gaat het niet over de inhoud, maar over de randvoorwaarden waaraan richtlijnen moeten voldoen.

Evenwichtig en toegankelijk zorglandschap

Er worden afspraken gemaakt voor een gelijk speelveld tussen zorgaanbieders, met aandacht voor kleinere ziekenhuizen en de regionale infrastructuur. Er wordt ingezet op eerlijke voorwaarden voor aanbieders, bijvoorbeeld rond acute zorg, opleiden, zorgzwaarte en ANW-diensten.

VWS ontwikkelt uiterlijk Q1 2026 een maatregelenpakket om gecontracteerde zorg te bevorderen, grip te krijgen op de vestiging van niet-gecontracteerde zorg en planbare zorg in de msz evenwichtig te verdelen. Het ministerie maakt dan ook een quickscan waarin de problemen worden geduid. Daarnaast wordt de NZa waar nodig betrokken bij uitvoeringstoetsen. Specifiek voor de msz brengen de relevante AZWA-partijen het gehele speelveld van de msz in kaart, met speciale aandacht voor de verschillende soorten ziekenhuizen (groot, klein, zbc). Een van de oplossingen die wordt getoetst, is het differentiëren van betaaltitels in de bekostiging.

Betere beschikbaarheid van geneesmiddelen

Structurele afspraken moeten tekorten beperken en de inzet van zorgpersoneel ontlasten. Onderdeel hiervan zijn o.a. betere inkoop, duidelijke informatie voor patiënten en zorgverleners, het voorkomen van extra kosten voor patiënten en het verminderen van administratieve lasten. De afspraak versterkt de toegankelijkheid van zorg en vergroot de inzetbaarheid van zorgpersoneel door minder regelwerk en vermijdbare vervangende zorg.

In Q2 van 2025 moesten de betreffende partijen een bestuurlijk gedragen set afspraken hebben vastgelegd (de ‘penlijst’). Deze lijst wordt geconcretiseerd tot werkagenda, die moet worden vastgesteld in Q4 van 2025. De afspraken gaan in ieder geval over duidelijke informatievoorziening voor patiënten over de gevolgen van een tekort en de juridische verankering van afspraken over farmacotherapeutische substitutie.

Daarnaast wordt in 2025 de inkoopleidraad beschikbaarheid geneesmiddelen opgesteld. Hiermee moeten ongewenste effecten in de keten worden voorkomen. Ook worden afspraken gemaakt over welke reactie er moet komen op (dreigende) tekorten. Hiervoor zijn een aantal randvoorwaarden nodig die versneld worden opgepakt: uniforme definities en verbeterde data-uitwisseling. Verder moeten risico’s worden verminderd bij het melden van (dreigende) tekorten en bij het uitwisselen van data hierover. Een snelle aanpassing van de vergoeding én een frequente update in systemen als de G-standaard zijn nodig.

Apothekers, apotheekhoudende huisartsen, zorgverzekeraars, groothandels en leveranciers maken uniforme afspraken over uitverkooptermijnen bij preferentiewissels en andere situaties, inclusief gelijkgericht handelen tijdens deze termijn, om zo het risico op tekorten door uitverkoop of opstartproblemen te verkleinen.


Bron: Axon Healthcare, De Juiste Zorg op de Juiste Plek (VWS), FAST, Medisch Contact, Ministerie van VWS, Nederlandse Federatie van Universitair Medische Centra (NFU), Radboud Universitair Medisch Centrum, RTL Nieuws, Skipr, Zorginstituut Nederland (ZIN)


Ben je nieuwsgierig naar meer informatie over dit onderwerp? We hebben eerder geschreven over (hoofdlijn)akkoorden in de zorg, het arbeidsmarkttekort en de beweging naar passende zorg. Maar dat is nog lang niet alles; onze database zit vol met waardevolle artikelen die je niet wil missen, met informatie over de gezondheidszorg van de afgelopen 15 jaar.

Wil je toegang tot al deze informatie? Overweeg dan een proefabonnement. Neem voor meer informatie contact op met Wido Derks | Axon Healthcare. We helpen je graag verder!